1A - 2A

OPLEIDINGSINFORMATIE

De eerste graad omvat twee leerjaren. Indien je een getuigschrift basisonderwijs hebt, ga je naar het 1ste leerjaar A. Heb je geen getuigschrift basisonderwijs dan ga je naar het 1ste leerjaar B.

Je behaalt na de 1ste graad een getuigschrift 1ste graad. Ook de eindtermen basisgeletterdheid moeten door elke individuele leerling worden bereikt op het einde van de eerste graad, zowel in de A-stroom als in de B-stroom. Het zijn de eindtermen die ervoor zorgen dat een jongere kan participeren in de maatschappij. De eindtermen basisgeletterdheid worden vastgelegd voor de volgende sleutelcompetenties:

  • Nederlands
  • digitale competentie en mediawijsheid
  • economische en financiële competenties
  • competenties wiskunde, wetenschappen en technologie

Wie deze eindtermen niet behaald, krijgt geen A-attest op het einde van de 1ste graad.

 

De leerlingen met een getuigschrift basisonderwijs gaan naar het 1ste leerjaar A.
Je krijgt er les van verschillende leerkrachten en er wordt verder gebouwd op de leerstof uit het basisonderwijs.
In dit 1ste leerjaar A ligt de nadruk zoveel mogelijk op een gelijke start en aanpak voor iedereen.
Het tempo in de klas ligt hoger dan in de basisschool en er wordt van jou een grotere zelfstandigheid verwacht.
Welke school je ook kiest, minstens 27 lesuren zijn overal en voor iedereen hetzelfde; een beperkt aantal uren mag je zelf kiezen.
Een weekrooster omvat 32 lestijden en omvat 3 delen:

  • De Basisvorming met Actief Burgerschap (27u)
  • Differentiatie en remediëring (3u)
  • Het keuzegedeelte (2u)

De vakken van de basisvorming zijn voor iedereen hetzelfde.

In het 2de leerjaar A kies je een basisoptie. Na het 1e leerjaar kan je nog alle basisopties kiezen. Let wel dat je om Latijn te kunnen volgen, je best in het eerste leerjaar Latijn gevolgd hebt. De basisopties in het tweede leerjaar dienen als kennismaking zodat je kan ontdekken waarvoor je aanleg en belangstelling hebt. Vanuit je ervaringen zal je dan in de 2de graad een studierichting kunnen kiezen.

Een weekrooster omvat 32 lestijden en omvat 3 delen:

  • De Basisvorming met Actief Burgerschap (25u)
  • Differentiatie en remediëring (3u)
  • Basisoptie (4u)

De vakken van de basisvorming zijn voor iedereen hetzelfde.

De basisoptie Latijn is een voorbereiding op een keuze met Latijn uit het ASO-aanbod in de 2de graad.
Latijn richt zich tot leerlingen met een grote belangstelling voor taal, cultuur, geschiedenis en literatuur. De cursussen hebben een taalkundig en een cultuurhistorisch doel. Alhoewel Latijn nu een ‘dode’ taal is, heeft ze eeuwenlang onze cultuur beïnvloed.
Romaanse talen als Italiaans, Frans, Spaans stammen rechtstreeks af van het Latijn.
Ook in het Nederlands en de taal van de wetenschap is de invloed van het Latijn niet weg te denken.
De opleiding wil je zo vlug mogelijk in staat stellen zelfstandig Latijnse teksten te begrijpen.
Hiertoe leer je:

  • grammatica: onderwerp, werkwoord (persoonsvorm, tijd, vervoeging, …), soorten zinnen (vragend, onafhankelijk, afhankelijk, …), voorzetsel, voegwoord, naamval, …
  • vocabularium: de meest gebruikte woorden, algemene principes van woordvorming, methode om een woordenlijst of woordenboek te raadplegen
  • methodes om inhoudsvragen te beantwoorden en om zinnen in het Nederlands te vertalen.

Op gebied van cultuur maak je kennis met de Romeinse beschaving (taal en letterkunde, kunst en cultuur, maatschappij en mentaliteit) en haar grote betekenis voor de hedendaagse (westerse) mens.
Je krijgt een beter inzicht in je eigen cultuur en je kunt de westerse en niet-westerse culturen beter vergelijken en begrijpen.
Doorheen de teksten leer je:

  • de leefwereld van de Romeinen en Grieken: huis, kleding, spelen, maatschappij, …
  • de mythologie (goden, helden, …
  • algemene geografische gegevens
  • grote periodes, belangrijke feiten en beroemde personages.

 

Aanleg voor talen is belangrijk voor deze basisoptie.


Als je kiest voor handel moet je belangstelling hebben voor theorie. 
Het vak handel in de eerste graad is voor de leerling enerzijds een eerste kennismaking in het secundair onderwijs met economische en handelsactiviteiten vanuit de leefwereld van de leerling. Anderzijds beoogt het vak handel het aanleren van basiscompetenties ICT. De klemtoon ligt op het kennismaken met de economische realiteit en dit vanuit concrete contexten en door het uitvoeren van authentieke opdrachten. De leerling zal door een activerende en probleemoplossende aanpak geboeid raken voor de economische en handelsactiviteiten. Bovendien krijgt de leerling een genuanceerd beeld van de huidige economische en sociale samenleving door het gebruik van actuele informatie. De leerlingen verwerven ICT-competenties door exploratie van diverse softwareprogramma’s en passen deze competenties functioneel toe in een economische en/of een handelscontext.

Via het vak krijgt de leerling een zicht op de inhoud en de aanpak van de economische en handelsvakken in de tweede en de derde graad, zodat hij een bewuste studiekeuze kan maken voor de tweede graad.

 

De basisoptie Mechanica-elektriciteit biedt een praktische kennismaking met de wereld van elektriciteit en metaal.

Je leert deze sectoren kennen zodat je een verantwoorde keuze kunt maken naar de 2de graad.

In mechanica leer je over technisch technologische aspecten, de voornaamste gereedschappen, formaten, lijnsoorten, maataanduidingen in tekeningen.
Je leert meer over de meest gebruikte metalen (staal, gietijzer, koper, aluminium, legeringen, …) en hun eigenschappen (geleidbaarheid, lasbaarheid, dichtheid, hardheid, elasticiteit, …).
Je verneemt meer over de soorten kunststoffen, hun eigenschappen, toepassingen en recyclage.
Je leert de meest geschikte gereedschappen kiezen voor een opdracht en ze zorgzaam en veilig gebruiken.

Je leert een tekening lezen en schetsen (ook op schaal, in perspectief, …)

Je leert ICT in je opdrachten

Je leert verbindingstechnieken (solderen, bout en moer, puntlassen) en overbrengingen (tandwiel en riem).

Je leert over verspanende en niet-verspannende technieken.

Je leert objecten demonteren en monteren.
Je leert ook een eenvoudige sturing ontwerpen met een softwarepakket.
Je leert een eenvoudige pneumatische opstelling maken.

In elektriciteit leer je hoe elektriciteit wordt opgewekt (gelijkspanning, batterij en wisselspanning, ...) en de voor- en nadelen van de verschillende manieren.
Je maakt kennis met gereedschap en materialen.
Ook de gevaren van elektriciteit komen aan bod: elektrische schokken, overbelasting en kortsluiting.
Je leert de verschillende uitwerkingen van elektriciteit: warmte, licht, elektrische schokken, magnetisme, vonkopwekking.
Je leert over de opbouw van een stof, een atoom, …
Dit is noodzakelijk om de werking van elektriciteit te kunnen begrijpen.
Je leert over spanning, stroom, weerstand, de wet van Ohm en hun wiskundige toepassingen.
Je leert het vermogen berekenen en rekening houden met de dikte van gebruikte draden of kabels.
De meest gebruikte symbolen in elektrische schema’s, de relatie tussen verschillende schema’s (stroom, schakel, leiding, …) en de werking (éénpolige, dubbelpolige, wisselschakeling, …) komen aan bod.
Je leert het aantal draden aanduiden op een eenvoudig leidingschema.
Je leert een volledige stroombaan tekenen op een grondplan.
Er wordt bekeken hoe elektriciteit in de huiskamer wordt gebracht en wat het nut is van hoogspanning!
Je leert in de praktijk correcte aansluitingen en schakelingen maken aan toestellen en in aftakdozen, belschakelingen correct uitvoeren, geleiders en kabels herkennen en ontmantelen, het doel van beveiliging (smeltveiligheden, verliesstroomschakelaar, …), kunststof bewerken in eenvoudige opdrachten.

 

De basisoptie Moderne wetenschappen bereidt je voor op verder studeren in het ASO.

Kenmerkend voor alle studierichtingen in het ASO is dat er uitsluitend theoretische vakken gegeven worden.
In het 2de jaar ligt het accent op talen (Nederlands, Frans, Engels) en wiskunde.
Je maakt kennis met economie en wetenschappen en je krijgt zowel wetenschappelijk werk (3 uur) als socio-economische initiatie (2 uur).

Wetenschappelijk werk wil je doen aanvoelen en begrijpen hoe wetenschap ontstaat en groeit, hoe in de natuurwetenschappen inzicht, begrip en kennis verworven worden.
Dat gebeurt door gerichte en geleide, maar meestal zelfuitgevoerde werkzaamheden en experimenten in een daarvoor aangepast labo.
Lessen en opgaven kunnen uitgebouwd worden rond:

-      metingen: lengtemeting, oppervlaktemeting, massameting en tijdmeting

-      elektriciteit: stroomkringen, meting van stroomsterkte, warmte-effect van de stroom, meting van de spanning, schakelingen, geleiding in vloeistoffen en geleiding in gassen

-      energie, vermogen, arbeid, kracht enz.

-      zinken, zweven, drijven, dichtheid van lichamen.
Voor jou kan deze cursus leiden tot een oriëntering naar een meer wetenschappelijke studierichting.

• In socio-economische initiatie word je geïnformeerd over een aantal sociaal-economische gegevens.
Zo maak je kennis met een brede waaier van maatschappelijke aangelegenheden.
De hele maatschappelijke structuur komt eigenlijk aan bod:
het gezin (hoe vormt het gezin een inkomen? wat doet het gezin met dat inkomen? ...);
de bedrijven (welke soorten van bedrijven bestaan er? hoe zit zo’n bedrijf in mekaar? ...);
de overheid (hoe zit de hele overheid in mekaar? wat doet de overheid? ...);
het buitenland (in- en uitvoer? Europa? ...)
Rond die thema’s wordt de leerstof zo reëel en actueel mogelijk opgebouwd.

 

De basisoptie Sociale en technische vorming richt zich tot leerlingen die sociaal voelend zijn en die hun sociale vaardigheden verder willen ontwikkelen.
Je bestudeert de ‘mens en zijn milieu’.
Je bestudeert onder andere een aantal wetmatigheden uit de wetenschap en de techniek.
Je verneemt meer over de 3 componenten van deze basisoptie: de sociale, de technische en de algemeen vormende.
In de 2de en 3de graad wordt de studierichting nog uitgebreid met een wetenschappelijke component (fysica, scheikunde, biologie).
Volgende zaken komen zowel in theorie als in praktijk aan bod:

 

Inleidende technische begrippen:
je leert meer over persoonlijke en lichaamshygiëne, voedings- en onderhoudshygiëne.
Het belang van preventieve maatregelen om ongevallen en voedselvergiftiging in de keuken te voorkomen en EHBO komen aan bod.
De inrichting en uitrusting van een keuken (ook basiskennis over elektriciteit) wordt nader bekeken.

 

Basisbegrippen in de keuken:
je verneemt meer over technieken (reinigen en snijden, gaar maken, door koken en bakken, …), bereidingen en grondstoffen die het meest gebruikt worden in recepten.
Je leert hoe je voedingsmiddelen juist kunt meten, wegen en hoe je zelf bereide gerechten dient te verpakken en bewaren.

 

Voedingsleer:
je leert over voedingsmiddelen en voedingsstoffen (eiwitten, zouten, vetten, vitaminen, …).
Je verneemt meer over de functie van de voeding voor het lichaam, het verband met gezondheid, over calorieën en nieuwe tendensen (lightproducten, fastfood, …).
Ook voedsel aankopen (beoordelen van verpakking, etiketten, versheid, …), hulpmiddelen gebruiken (bv. een kookboek), gezonde en evenwichtige maaltijden samenstellen, … komen aan bod.
Je leert over vormgeving (servetten plooien, tafelversiering, …), tafeldekken, opdienen en afruimen.

Omgangskunde:
je leert goede omgangsvormen en tafelmanieren.
Je leert hoe je sociale contacten uitbouwt en onderhoudt, hoe je problemen in de omgang voorkomt en oplost.

 

Lessentabel  1A

Vakkenclusters

Vakken

Lestijden

Levensbeschouwing

Godsdienst/NC zedenleer

2

Gezondheid en beweging

Lichamelijke opvoeding

2

Mens en maatschappij

Aardrijkskunde

 

Geschiedenis

 

Burgerschap

 

Moderne talen

Engels

 

Frans

 

Muzische vorming

Muzikale opvoeding

 

Plastische opvoeding

 

Nederlands

Nederlands

 

STEM

Natuurwetenschappen

 

Wiskunde

 

Techniek

 

 

27

Differentiatie en remedering

3

Talentontwikkeling of Latijn

2

 

 

 

Lessentabel  2A

2de leerjaar

Latijn

Moderne weten- schappen

Sociale en technische vorming

Mechanica - elektriciteit

Handel

Vakkenclusters

Vakken

Lestijden

Lestijden

Lestijden

Lestijden

Lestijden

Levensbeschouwing

Godsdienst/NC zedenleer

2

2

2

2

2

Gezondheid en beweging

Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

2

Mens en maatschappij

Aardrijkskunde

1

1

1

1

1

Geschiedenis

2

2

2

2

2

Gezinstechnieken

-

-

5

-

-

Burgerschap

1

1

1

1

1

Economie en organisatie

Economie

-

2

-

-

-

Handel

-

-

-

-

4

Moderne talen

Engels

2

2

2

2

2

Frans

3

3

3

3

3

Muzische vorming

Plastische opvoeding

1

1

2

1

1

Muzikale opvoeding

-

-

1

-

-

Nederlands

Nederlands

5

5

5

5

5

Latijn

Latijn

4

-

-

-

-

STEM

Natuurwetenschappen

4

4

2

2

2

Wiskunde

4

4

4

4

4

Techniek

2

2

2

2

2

Mechanica

-

-

-

4

-

Elektriciteit

-

-

-

3

-

Talentontwikkeling/ ICT

-

1

-

-

1

 

WAAR

Mosselerlaan 62
3600 Genk
089 35 16 31
[email protected]

ANDERE OPLEIDINGEN

GO! CAMPUS GENK

Onze campus bestaat uit 3 scholen.

MIDDENSCHOOL

Mosselerlaan 62
3600 Genk
089 35 16 31
[email protected]

         

TA DE WIJZER

Mosselerlaan 94
3600 Genk
089 32 38 32
[email protected]

         

ALTEA

Sint-Lodewijkstraat 26
3600 Genk
089 32 38 39
[email protected]

         

© Copyright 2019 - GO! Campus Genk